Het bestgelezen artikel van de maand mei is het expertverhaal van Delft Solids Solutions over de processtap mixen. Wie denkt dat het een kwestie is van verschillende componenten in een vat stoppen en flink mengen, komt van een koude kermis thuis. Een batch kan in de laboratoriumcontrole homogeen lijken en toch drift vertonen tijdens transport, opslag, doseren en afvullen.
Mengkwaliteit is functioneel. Een mengsel is goed als het voldoet aan de eis, op de schaal die ertoe doet, op het moment dat het ertoe doet. Stel vier vragen voordat je naar menger of mengtijd kijkt:
- Welke component is kritisch en wat is de toegestane variatie?
- Op welke schaal moet het homogeen zijn? Per gram, per doseerslag, per zak, per big bag?
- Op welk punt in het proces moet het kloppen; direct na mixen of bij afvullen?
- Hoe wordt er bemonsterd en is dat representatief?
De CV, de coëfficiënt van variatie, wordt vaak gebruikt om homogeniteit te kwantificeren. Dat werkt echter alleen als sampling klopt. Anders optimaliseer je een meetresultaat, niet de procesrealiteit. Veel mengproblemen zijn in feite sampling problemen. Of ketenproblemen die je pas later ziet.
KLIK HIER om het complete artikel te lezen.


