Pascal Coppens woonde vele jaren in China en kent de Chinezen als geen ander. In het boek ‘China’s Next Miracle’ vertelt hij hoe China zich transformeert van de traditionele ‘fabriek van de wereld’ naar een wereldleider op innovatiegebied. Daarbij legt hij ook de verschillen bloot tussen de manier waarop Nederlandse en Belgische bedrijven China benaderen.
In de Nederlandse editie van het boek ‘China’s Next Miracle’ geeft Pascal Coppens meer dan 100 praktische tips en inzichten om in het spel te blijven terwijl China het innovatiemodel herschrijft. Daarbij richt hij zich op ondernemers, managers en beleidsmakers die willen begrijpen hoe ze kunnen inspelen op de technologische opkomst van China. Coppens geeft voorbeelden uit sectoren zoals elektrische voertuigen, artificiële intelligentie en vliegende auto’s, waarin China niet alleen concurreert maar het westerse innovatiemodel fundamenteel herdefinieert.
Werelddominantie in chemie
In zijn boek beschrijft Pascal Coppens hoe de Chinese productie zich volledig transformeert naar producten van hogere kwaliteit. Ook vertelt hij hoe de productie op een hoger niveau wordt gebracht. “Er zijn sectoren, zoals de chemische industrie, waar China momenteel bijna een werelddominantie aan het opbouwen is”, vertelt Coppens. “Oorspronkelijk begonnen vanuit bulkchemie, worden deze producten steeds verfijnder. De groene transitie speelt hierin een grote rol. Daarbij zijn chemische processen cruciaal voor waterstof, batterijtechnologieën en zonnecellen. Door deze capaciteitsopbouw heeft China niet alleen geleerd hoogwaardige, chemische producten te leveren maar ook duurzame oplossingen te ontwikkelen.”
Op het gebied van chemische processen ziet hij dat China normen en energie-efficiëntie inzet als competitief voordeel. Dit terwijl Europa dit vaak beschouwt als een verplichting of last. “De transitie naar duurzame productie is in China een bron van economische groei. Vorig jaar kwam bijna tien procent van het bruto binnenlands product uit de groene technologiesector. Dit betekent dat samenwerken met China niet alleen noodzakelijk is voor toegang tot capaciteit en innovatie maar ook voor het benutten van marktkansen en technologische vooruitgang.”

Hoogwaardige, binnenlandse markt
Er ontstaat volgens Pascal Coppens een hoogwaardige, binnenlandse markt in China die in de komende vijf tot tien jaar relevant zal zijn. “De sleutel voor westerse bedrijven ligt in het combineren van unieke kennis met de capaciteiten van China en het richten op markten buiten China.” Coppens wijst daarbij op groeimarkten in Azië, het Midden-Oosten, Afrika en Latijns-Amerika. Daar verfijnen Chinese bedrijven hun producten en processen zonder zware concurrentie van Europa of de Verenigde Staten. “Slimme investeringsfondsen en ondernemingen zoeken hier samenwerking met Chinese partners. Dat strekt zich uit over diverse sectoren, van chemie tot automotive. R&D en innovatie vinden dan vaak in China plaats vanwege de combinatie van talent en schaal”, legt Coppens uit.
Voorbeeld in Antwerpen
De haven van Antwerpen illustreert dit effect concreet. “Een groot Deens chemiebedrijf besloot zijn fabriek voor hernieuwbaar plastic niet in de Antwerpse haven maar in China te bouwen vanwege de ongeëvenaarde capaciteit aldaar en het aanwezige talent.” Coppens waarschuwt dat bedrijven die dit negeren binnen tien jaar in een moeilijk parket zullen zitten.
De geopolitieke situatie speelt hierbij een belangrijke rol. “Terwijl de Verenigde Staten alternatieven zoeken en samenwerking bemoeilijken, blijven wereldwijd weinig landen over die kunnen leveren wat China kan. Samenwerking of concurrentie zijn de enige opties. En de combinatie van schaal en snelheid maakt het moeilijk om op andere locaties dezelfde kwaliteit te produceren.”
Voor industriële sectoren betekent dit dat samenwerking met China essentieel is om bij te blijven in technologische ontwikkelingen. “Voor de industrie biedt dit perspectief nieuwe inzichten. Het gaat niet alleen om het leveren van producten maar om deelname aan complexe processen en systemen die hoogwaardige productie mogelijk maken. Het is een strategische kans om kennis, technologie en markten wereldwijd te verbinden met de capaciteiten van China en zo competitief te blijven in een snel veranderende, industriële wereld.”
Voor westerse producenten ligt volgens Coppens de kans in het denken in termen van systemen en processen. Daarbij staan software en integratie centraal. “Standalone producten hebben weinig toekomst omdat de schaal van China deze snel kan overtreffen. De uitdaging is dus om conceptueel en systematisch te denken, in plaats van puur productgericht.”

Verschillen Nederland en België
Coppens ziet ook duidelijke verschillen tussen Nederlandse en Belgische bedrijven in hun aanpak van China. “Belgische bedrijven hebben historisch sterke relaties opgebouwd, zoals met Janssen Pharmaceutica, Alcatel-Bell, Bekaert en Picanol. Ze hebben lange termijnrelaties en delen kennis. Wel schakelen ze soms trager. Nederlandse bedrijven zijn commercieel pragmatischer en sneller bereid om samenwerkingen aan te gaan, al ontbreekt soms de diepere partnerschapsmentaliteit. Voor het nieuwe mirakel van China, waarin kwaliteit en productiviteit naar een hoger niveau worden getild, staat Nederland momenteel meer open. Het toont interesse om het te begrijpen en er daadwerkelijk iets mee te doen.”


